Er zijn in Nederland veel dierenasiels en daarin zitten helaas ook ontzettend veel katten. Deze katten wachten op een nieuwe verzorger en een nieuw huis waar ze mogen wonen. Veel asiels zijn aangesloten bij de Dierenbescherming. Deze overkoepelende organisatie zet zich in voor dieren in nood en heeft naast de asiels (de opvangcentra) bijvoorbeeld ook de dierenambulance, waarmee ze gewonde of verdwaalde dieren ophalen.

Naar het asiel om een kat uit te zoeken

Kijk op internet welk asiel er bij jou in de buurt is. Elk asiel hanteert openingstijden, dus houd er rekening mee dat je niet de hele dag zomaar binnen kunt lopen bij een asiel.

Uiteraard is een asiel wel zeven dagen per week bemand, want de medewerkers zorgen ervoor dat de asieldieren het naar hun zin hebben in deze tijdelijke opvang en dat ze goed verzorgd worden. Tijdens deze verzorging kunnen de medewerkers echter niet continu ook bezoekers van het asiel te woord staan. Daarom communiceren asiels duidelijke openingstijden voor bezoekers. Zo krijgen de asieldieren voldoende aandacht en kunnen bezoekers op gezette tijden rondgeleid worden en van informatie worden voorzien.

Bij aankomst in het asiel

Als je naar een asiel bij jou in de buurt gaat, zul je opgevangen worden door een baliemedewerker. Deze medewerker geeft informatie over het asiel, over de werkwijze rondom het adopteren van een kat én je krijgt uiteraard informatie over de aanwezige katten in het asiel.

De asielmedewerker zal aan je vragen of je al een beetje in gedachten hebt wat voor kat je wilt. Wil je een jonge kat (een kitten) of is een wat oudere kater of poes ook gewenst?
Daarnaast informeert het asiel naar je thuissituatie. Heb je een tuin, zodat de kat naar buiten kan, of woon je in een appartement en wil je een zogenaamde binnenkat adopteren? Ook is het voor het asiel van belang om te weten of je al andere huisdieren hebt. Heb je al een kat of heb je misschien een hond?

De katten in het asiel zijn goed geobserveerd door de asielmedewerkers. Van sommige katten is bekend waarom ze in het asiel terecht zijn gekomen (bijvoorbeeld omdat ze afgestaan zijn door mensen die niet meer voor de kat konden zorgen), maar van een groot deel van de asielkatten is het onbekend waarom niemand meer voor ze wilde of kon zorgen. Die katten zijn op straat gevonden en door het asiel opgevangen, maar het blijft gissen naar hun voorgeschiedenis.

Asielkatten hebben hun voorkeuren

Niet elke kat vindt alles even leuk. Zo zijn er katten die het niet leuk vinden om bij andere huisdieren te moeten wonen. Aan de andere kant zijn er ook katten die juist graag een speelkameraadje willen, zodat ze zich niet de hele dag alleen hoeven te vermaken.

Sommige katten zijn snel bang en zij kunnen dus beter niet in een huis terechtkomen waar bijvoorbeeld een dominante kat aanwezig is. Ook is het voor een angstige kat beter om niet naar buiten te gaan, maar lekker binnen te blijven en daar vertrouwd te raken aan een nieuwe woonomgeving.

Andere katten willen graag hun energie kwijt door lekker veel te rennen, te springen en achter alles wat beweegt aan te jagen. Deze katten willen graag naar buiten kunnen, zodat ze achter ronddwarrelende blaadjes aan kunnen rennen en in bomen kunnen klimmen.

De eigenschappen en voorkeuren van een asielkat zijn door de medewerkers van het asiel per kat genoteerd. De medewerkers leren de katten in het asiel goed kennen en kunnen daardoor bij de meeste katten een goede inschatting maken van hun voorkeuren en hun karakter.

Uiteraard gaat het om een inschatting van de asielmedewerkers en kan een kat die je angstig uit het asiel hebt gehaald thuis binnen enkele dagen vrolijk en totaal niet meer schrikkerig rondlopen. Misschien werd deze kat in het asiel niet goed geaccepteerd door de andere katten en/of voelde hij zich er nooit op zijn gemak.

Je kunt ervan uitgaan dat de kenmerken die het asiel aan een kat toeschrijft over het algemeen goed kloppen. Asielmedewerkers zijn continu omringd door katten en hebben een goede kennis van de dieren. Als een kat in het asiel constant met een andere kat optrekt – samen speelt, samen in een mandje slaapt – is het raadzaam om de kat niet als enige kat in een huis te laten wonen, maar ervoor te zorgen dat hij een kameraardje krijgt.

Eén ding is zeker: asielkatten zijn je dankbaar!

Asiels zitten vol met katten en al deze katten smachten naar een nieuw thuis. Katten zijn je dus ontzettend dankbaar als je naar het asiel komt om daar een nieuwe huisgenoot uit te zoeken.

Ondanks dat je bij een asielkat niet altijd weet wat de voorgeschiedenis is van het dier, zul je geen spijt krijgen van het adopteren van een asielkat! De kat zal je namelijk dankbaar zijn dat je hem mee naar huis neemt en een nieuw thuis biedt. Een thuis waar hij alle aandacht krijgt en niet samen met vele andere katten in onzekerheid hoeft te leven of er op een dag een nieuw baasje langs zal komen.

Kittens uit het asiel halen

Als je in het asiel komt, zie je niet vaak kittens rondlopen. Dat komt doordat kittens vaak bij vrijwilligers thuis opgroeien tot ze oud genoeg zijn om geadopteerd te worden. Het is bij kittens belangrijk dat ze gesocialiseerd worden in een huiskameromgeving. Daarom kiezen veel asiels ervoor om de kittens bij iemand thuis te laten ‘wachten’ totdat er zich een nieuw baasje meldt.

Als je bij het asiel aangeeft dat je graag een kitten wilt adopteren, krijg je meestal het adres van een vrijwilliger met een nestje kittens bij jou in de buurt. Dan kun je zelf een kijkje nemen bij de kittens en uitleg krijgen van degene die ze momenteel verzorgt.

Kat adopteren uit het asiel

Heb je een leuke en geschikte kat gevonden die bij jou thuis kan komen wonen? Dan volgt er nog de administratieve afhandeling en vraagt het asiel je om een betaling te doen.

Waarom moet ik betalen voor een asielkat?

Katten die in het asiel binnengebracht worden, worden onderzocht door een dierenarts om te controleren of ze gezond zijn.

Ook worden katers vaak gecastreerd en poezen worden gesteriliseerd. Zo voorkomen we dat er nóg meer katten op de wereld komen die op straat moeten leven of in het asiel belanden.

Daarnaast wordt elk dier gechipt, zodat een nieuwe eigenaar gekoppeld kan worden aan de kat. Als de kat dan ooit verdwaalt, kan de dierenambulance, een asiel of een dierenarts de chip uitlezen en de gegevens van het baasje achterhalen.

Dit kost een asiel allemaal geld, dus als er een nieuw baasje wordt gevonden voor een asielkat, vraagt het asiel om een bijdrage. Deze bijdrage is voor de meeste katten meer een tegemoetkoming in de kosten omdat er in werkelijkheid veel meer kosten gemaakt zijn voor de kat.

De meeste asiels vragen ongeveer € 80,- voor de adoptie van een kat of poes.

Administratieve afhandeling

Naast de betaling voor de asielkat zal het asiel je een formulier meegeven waarop de chipgegevens staan van jouw nieuwe huisgenoot. Aan de hand van die gegevens kun je zelf online de contactgegevens aanpassen voor je kat. Zo blijft de kat goed geregistreerd staan en kunnen mensen jou altijd benaderen als je kat onverhoopt zoek is geraakt.